Seizoen 2021. Een virtuele veiling. Op afstand, van achter de computer, een ploeg bij elkaar rapen. Ach, niet zo’n probleem, we zien elkaar allemaal later in het jaar wel weer. Misschien kunnen we wel met z’n allen naar een koers, dat hebben we in al die jaren eigenlijk nog nooit gedaan. Zometeen wordt het zomer, dan kunnen we met elkaar afspreken, elkaar weer zien.
Het loopt anders. Waar we al jaren morbide grappen over maken, gebeurt plotseling echt. We zijn niet meer met vijftien. We missen iemand. Hij staat dan wel fier bovenaan, maar we horen niet dat hij met z’n gezondheid tobt.
“Nee, niet iets ergs, gewoon een beetje last met ademhalen. Nee, geen corona. Het is al bijna weer over, de dokter kan niets vinden dus zal er ook wel niet zoveel aan de hand zijn toch? Bovendien sta ik dus wel mooi bovenaan!”
Dat bovenaan staan heeft niet tot het einde van het seizoen geduurd. Meedoen was belangrijker dan winnen.
Toch nog een duidelijk signaal: de laatste race uit de UCI ProSeries wordt gewonnen door Arne Marit. Nog nooit eerder in een uitslag gezien. Wel al eerder opgevallen, met zo’n naam kan dat natuurlijk ook niet anders.
Arne appte Marit over Arne Marit. Kijk eens wat een leuke naam?
Stilletjes hoop ik dat de allerlaatste wedstrijd van het seizoen ook door Arne Marit wordt gewonnen. De Ronde van Drenthe en Arne Marit staat aan de start. Aan het einde van de middag zoek ik de uitslag op. Niet gewonnen, zie ik meteen. Maar kijk, wel hoog geëindigd. Vijfde. Ik klik door naar het Wielerspel.
En daar staat Arne. Vóór de verdeling van de Jackpotpunten, ná de allerlaatste wedstrijd in het allerlaatste seizoen dat hij meedoet, in het allerlaatste klassement waarin zijn naam voorkomt, op de vijfde plaats. Net als Arne Marit in de allerlaatste wedstrijd van het allerlaatste seizoen waarin we met z’n vijftienen zijn.
Hartverscheurend mooie tragiek. Een traan drupt op m’n toetsenbord.
Ik mis je Arne. En we blijven je missen.
Rust zacht Bakvis.